Bruidsliederen

Song Cycle by Willem Andriessen (1887 - 1964)

Word count: 260

1. Ik zoek een nieuw, een nooit gesproken woord[sung text not yet checked]

Ik zoek een nieuw, een nooit gesproken woord,
om al mijn lieve voelen uit te zeggen;
Ik zoek een zang, een hymne nooit gehoord,
een gouden, waar 'k mijn ziel in nederlegge.

't Is Mei; de wereld een wit sneeuwen gaard' van weelde;
lust en lach op aller monden;
des hemels rijke heerlijkheid op aard:
't verloren paradijs ons weer gevonden.

Ik weet niet, wat ik doen of denken moet
mijn geest is al verrukking en extase....
Wanneer die weelde mij niet sterven doet,
zij doet verdwazen!

Authorship

Researcher for this text: Emily Ezust [Administrator]

2. De weide was van bloemen bont[sung text not yet checked]

De weide was van bloemen bont,
de boomen ruischten waar wij gingen;
'k hoorde alom de vogels zingen:
Mij dacht dat ik hun lied verstond.

Toen g'aan uw arm mij rondgeleidde,
was't of de hemel openviel:
als bloesems vielen in mijn ziel
de woorden die gij zacht mij zeide.

Van toen heeft mij uw hart behoord,
mijn Lief, mijn lust, mijn vreud', mijn smarte,
Sinds als een bruidskrans om mijn harte
draag ik de weelde van uw woord.

Authorship

Researcher for this text: Emily Ezust [Administrator]

3. Sneeuwklokjes luien den winter uit[sung text not yet checked]

Sneeuwklokjes luien den winter uit,
Sneeuwklokjes prijzen de Lentebruid.
Sneeuwklokjes luien de lente in,
Sneeuwklokjes groeten de Meikoningin.

Sneeuwklokjes luien, en Lief is mijn;
Lief is de lent' en de zonneschijn.
Sneeuwklokjes luien de lente in
Mij lieft de lente als Meikoningin.

Authorship

Researcher for this text: Emily Ezust [Administrator]

4. Tript lustig, mijn donzen droomen[sung text not yet checked]

Tript lustig, mijn donzen droomen,
op uw koralen duivenpootjes
door de bloesemstroomen,
die mijn paden bestuiven.

Woelt, dartle gedachtenmijn,
als rozige kinderhanden
door de weelde van hermelijn,
die gevlokt ligt over mijn landen.

Bloemen van blijde verrukkelijkheid,
die vroeger dagen gaven,
niets meer weet ik van u!
Gij zijt in't heerlijk heden begraven.

Authorship

Researcher for this text: Emily Ezust [Administrator]