by Gerbrand Adriaenszoon Bredero (1585 - 1618)
Nu dobbert mijn Liefje op de Ree Matches base text
Language: Dutch (Nederlands)
Nu dobbert mijn Liefje op de Ree, Op de woelende, springhende baaren, Van de wytluchtighe, groote Zee Dien hij, elacy! Nu sal bewaren. Vaart heen, vaart voorde windt En denkt altoos, waar datje sint Op haar die u bemindt. Och had ick twee ooghen als de Son, Die de gantsche Wereld beschouwen, Of dat ickje, troosje, volghen kon, Ick zouw u steets gheselschap houwen. Maar of ’t lichamelijck niet gheschiet — Vermits de eerbaarheid ’t mijn verbiedt — Mijn Ziel en latet niet. En al mis ik Dedalus kunst, Die door de Lucht sijn Lief kon draghen, Ick sal u gheleiden met mijn gunst, Mijn waarste Lief, mijn wel behagen. Waar ick ontslaghen van ’t lodsich vleys Mijn Geest trock met u op de reys, Nu doetet mijn ghepeins. Had ick Medeas Tovercracht Ick sou Aeolus in sijn Klippen: Bekollen mey sijn volle macht Dat niet een wintje hem sou ontslippen. Of borster een stoocker uyt sijn sack; Die sou ick in u seylen strack, Gaan stuuren met ghemack. De winden, ’t water en de vloet, Hippende Starren en vaste Polen: Die worden nu mijn hoochste goet Mijn Lief, mijn licht, mijn leven bevolen; O goedertieren Gode vermaart O regheerders van Hemel en aart Mijn waarde Ceyx bewaart. Alcyone u lieve Bruyt die schreyt ’t Hart wil heur van droefheyt scheuren. Om dattet das buldert, stormt, en wayt Diet u Tortelduyfje niet van treuren. O Ceyx! O Ceyx! Waardighen Man! Wat hartseer gaat u Vroutjen an, Die can u niet syn en can.
Composition:
- Set to music by Constantijn Huygens (1596 - 1687), "Nu dobbert mijn Liefje op de Ree"
Text Authorship:
- by Gerbrand Adriaenszoon Bredero (1585 - 1618)
Go to the general single-text view
Researcher for this text: Emily Ezust [Administrator]
This text was added to the website: 2024-05-10
Line count: 42
Word count: 253