by Guido (Pieter Theodoor Jozef) Gezelle (1830 - 1899)
Language: Dutch (Nederlands)
Wie heeft er ooit het lied gehoord, het lied van Boerke Naas? 't En ha', 't is waar, geen leeuwenhert, maar toch, 't en was niet dwaas. Boer Naas die was twee runders gaan verkoopen naar de steê en bracht, als hij naar huis toe kwam, zes honderd franken meê. Boer Naas, die maar een boer en was, nochtans was scherp van zin, hij ging en kocht een zevenschot, en stak daar kogels in. Alzoo kwam Naas, met stapkes licht, en met de beurze zwaar; hij zei: 'Och 'k wilde dat ik thuis en in mijn bedde waar!' Al met nen keer, wat hoort boer Naas, juist bacht hem in den tronk? Daar roert entwat, daar loert entwat: 't docht Naasken dat 't verzonk! En, eer dat 't veintjen asem kreeg, zoodanig was 't ontsteld, daar grijpen Naas twee vuisten vast, en 't ligt daar, neêrgeveld. 't En hoorde noch 't en zag bijkan, 't en voelde bijkans niet, 't en zij dat 't een pistole zag, en zeggen hoorde: '... Ik schiet!' 'Ik schiet, zoo gij, op staanden voet, niet al uw geld en geeft; en g'hebt, van zoo gij roert, me man, uw laatsten dag geleefd!' Boer Naas, die alle dagen vijf zes kruisgebeden bad, om lang te mogen leven, peist hoe hij in nesten zat! 'Wat zal ze zeggen,' kreesch boer Naas, 'wanneer ik t'huiswaard keer? Hij heeft het weêrom al verbuisd! die zatlap, nog nen keer!' 'Hoort hier, mijn vriend, believe 't u, toogt dat gij minzaam zijt, och, schiet ne kogel deur mijn hoed en spaart mij 't vrouwverwijt! 'k Zal zeggen, als ik thuis geraak: men heeft mijn geld geroofd, en, letter schilde 't, of ik had nen kogel deur mijn hoofd!' De dief, die meer van kluiten hield als van boer Naas zijn bloed, schoot rap ne kogel deur end deur de kobbe van z'nen hoed. 'Bedankt!' zei Naas, en greep zijn slep: 'schiet nog een deur mijn kleed!' De dief legt aan en Naasken houdt zijn pitelerken g'reed. 'Schiet nog een deur mijn broek,' zei Naas, 'toen peist me wijf, voorwaar, als dat ik, bij mirakel, ben ontsnapt aan 't lijfsgevaar.' De roover zegt: 'Nu zal 't wel gaan, waar is uw beurze, snel: 'k en heb noch tijd noch kogels meer...' 'Ik wel,' zegt Naas, 'ik wel!' Zijn zevenschot haalt Naas toen uit en spreekt: Is 't dat ge u niet, in een- twee- drie, van hier en pakt, gij galgendweil, ik schiet! 'Ik schiet, van als gij nader komt, uw dommen kop in gruis, en, zoo gij Naas nog rooven wilt, laat uw verstand niet thuis!' En loopen dat die roover dei, de beenen van zijn lijf, zoo snel dat 't onbeschrijflijk is, hoe snel ook dat ik schrijf! Hier stoppe ik. Dichte een ander nu ne voois op boerke Naas; 't is waar, 't en was geen leeuwenhert, maar toch, 't en was niet dwaas!
Composition:
- Set to music by Paul Colinet , "Boerke Naas", 1990 [ vocal duet with accordion ]
Text Authorship:
- by Guido (Pieter Theodoor Jozef) Gezelle (1830 - 1899), "Boerke Naas", written 1868
See other settings of this text.
Researcher for this text: Emily Ezust [Administrator]
This text was added to the website: 2012-08-21
Line count: 80
Word count: 486