The LiederNet Archive
WARNING. Not all the material on this website is in the public domain.
It is illegal to copy and distribute our copyright-protected material without permission.
For more information, contact us at the following address:
licenses (AT) lieder (DOT) net

Einsamkeit

Language: German (Deutsch)

»Gib mir die Fülle der Einsamkeit!«
Im Tal, von Blüten überschneit,
Da ragt ein Dom, und nebenbei
In hohem Stile die Abtei:
Wie ihr Begründer, fromm und still,
Der Müden Hafen und Asyl.
Hier kühlt mit heiliger Betauung
Die nie versiegende Beschauung.

  Doch den frischen Jüngling quälen
  Selbst in gottgeweihten Zellen
  Bilder, feuriger verjüngt;
  Und ein wilder Strom entspringt
  Aus der Brust, die er umdämmt,
  Und in einem Augenblick
  Ist der Ruhe zartes Glück
  Von den Wellen weggeschwemmt.

»Gib mir die Fülle der Tätigkeit!«
Menschen wimmeln weit und breit,
Wagen kreuzen sich und stäuben,
Käufer sich um Läden treiben,
Rotes Gold und heller Stein
Lockt die Zögernden hinein,
Und Ersatz für Landesgrüne
Bieten Maskenball und Bühne.

  Doch in prangenden Palästen,
  Bei der Freude lauten Festen,
  Sprießt empor der Schwermut Blume,
  Senkt ihr Haupt zum Heiligtume
  Seiner Jugend Unschuldslust,
  Zu dem blauen Hirtenland
  Und der lichten Quelle Rand.
  Ach, daß er hinweggemußt!

»Gib mir das Glück der Geselligkeit!«
Genossen, freundlich angereiht
Der Tafel, stimmen Chorus an
Und ebenen die Felsenbahn.
So geht's zum schönen Hügelkranz
Und abwärts zu des Stromes Tanz,
Und immer mehr befestiget sich Neigung
Mit treuer, kräftiger Verzweigung.

  Doch, wenn die Genossen schieden,
  Ist's getan um seinen Frieden.
  Ihn bewegt der Sehnsucht Schmerz,
  Und er schauet himmelwärts:
  Das Gestirn der Liebe strahlt.
  Liebe, Liebe ruft die laue Luft,
  Liebe, Liebe atmet Blumenduft,
  Und sein Innres Liebe hallt.

»Gib mir die Fülle der Seligkeit!«
Nun wandelt er in Trunkenheit
An ihrer Hand in schweigenden Gesprächen,
Im Buchengang an weißen Bächen,
Und muß er auch durch Wüsteneien,
Ihm leuchtet süßer Augen Schein;
Und in der feindlichsten Verwirrung
Vertrauet er der Holden Führung.

  Doch die Särge großer Ahnen,
  Siegerkronen, Sturmesfahnen
  Lassen ihn nicht fürder ruhn,
  Und er muß ein Gleiches tun,
  Und wie sie unsterblich sein.
  Sieh, er steigt aufs hohe Pferd,
  Schwingt und prüft das blanke Schwert,
  Reitet in die Schlacht hinein.

»Gib mir die Fülle der Düsterheit!«
Da liegen sie im Blute hingestreut,
Die Lippe starr, das Auge wild gebrochen,
Die erst dem Schrecken Trotz gesprochen.
Kein Vater kehrt den Seinen mehr,
Und heimwärts kehrt ein ander Heer,
Und denen Krieg das Teuerste genommen,
Begrüßen nun mit schmerzlichem Willkommen.

  So deucht ihm des Vaterlandes Wächter
  Ein ergrimmter Bruderschlächter,
  Der der Freiheit edel Gut
  Düngt mit rotem Menschenblut;
  Und er flucht dem tollen Ruhm
  Und tauschet lärmendes Gewühl
  Mit dem Forste grün und kühl,
  Mit dem Siedlerleben um.

»Gib mir die Weihe der Einsamkeit!«
Durch dichte Tannendunkelheit
Dringt Sonnenblick nur halb und halb,
Und färbet Nadelschichten falb.
Der Kuckuck ruft aus Zweiggeflecht,
An grauer Rinde pickt der Specht,
Und donnernd über Klippenhemmung
Ergeht des Gießbachs kühne Strömung.

  Was er wünschte, was er liebte,
  Ihn erfreute, ihn betrübte,
  Schwebt mit sanfter Schwärmerei
  Wie im Abendrot vorbei.
  Jünglings Sehnsucht, Einsamkeit,
  Wird dem Greisen nun zu Teil,
  Und ein Leben rauh und steil
  Führte doch zur Seligkeit.


Translation(s): CAT DUT ENG FRE

List of language codes

Note: Schubert received Mayrhofer's texts generally in handwriting; the printed edition of Mayrhofer's poems appeared much later and presents the texts usually in a revised version. This poem was printed in 1824 with many modifications; see below.


Submitted by Emily Ezust [Administrator] and Peter Rastl [Guest Editor]

Authorship

Musical settings (art songs, Lieder, mélodies, (etc.), choral pieces, and other vocal works set to this text), listed by composer (not necessarily exhaustive)

Another version of this text exists in the database.

Available translations, adaptations or excerpts, and transliterations (if applicable):

  • CAT Catalan (Català) (Salvador Pila) , "Solitud", copyright © 2017, (re)printed on this website with kind permission
  • DUT Dutch (Nederlands) [singable] (Lau Kanen) , "Eenzaamheid", copyright © 2008, (re)printed on this website with kind permission
  • ENG English (Emily Ezust) , "Solitude", copyright ©
  • FRE French (Français) (Guy Laffaille) , "Solitude", copyright © 2016, (re)printed on this website with kind permission


Text added to the website between May 1995 and September 2003.

Last modified: 2018-02-22 08:48:40
Line count: 96
Word count: 474

Gentle Reminder
This website began in 1995 as a personal project, and I have been working on it full-time without a salary since 2008. Our research has never had any government or institutional funding, so if you found the information here useful, please consider making a donation. Your gift is greatly appreciated.
     - Emily Ezust

Eenzaamheid

Language: Dutch (Nederlands) after the German (Deutsch)

"Geef mij ten volle de eenzaamheid."
In 't dal, bedekt met bloemtapijt,
Daar rijst een dom, en vlak daarbij
In noob'le bouwstijl de abdij:
Net als haar stichter vroom en stil,
Voor uitgeputten een asiel.
Hier koelt met heilige bedauwing
De nooit aflatende beschouwing.

Maar een jonge kerel kwellen
Zelfs in godgewijde cellen
Beelden, vuur van jong instinct;
En een wilde stroom ontspringt
In zijn borst, die hij weerstaat,
Maar in nauw een ogenblik
Is zijn rustig, zacht geluk
Door de golven weggevaagd.
 
"Laat mij maar opgaan in werkzaamheid."
Mensen weem'len wijd en zijd,
Stof van wagens pakt zich samen,
Kopers dringen op rond kramen,
Felrood goud en helle steen
Lokt de twijfelaars bijeen.
Substituut voor groen van buiten
Bieden bals, toneel en fluiten.

Maar in pralende paleizen
Waar de schatergolven rijzen,
Komt zwaarmoedigheid opschieten,
Nijgt haar hoofd naar heil'ge mythen,
Zijn onschuldig blije jeugd,
Naar het blauwe herdersland
En de lichte waterkant.
"Ach, waarom dit ooit ontvlucht?"
 
"Geef mij 't geluk der gezelligheid!"
Gezellen, vriendelijk aangerijd
Aan tafel, heffen koorzang aan
En effenen de ruwe baan!
Eerst op naar mooie heuvelkrans,
Dan neer voor de rivierendans,
En meer en meer verbindt zich hier de vriendschap
Met trouwe, sterke kameraadschap.

Doch wanneer zijn vrienden scheiden,
Dan begint opnieuw zijn lijden.
Onvoldaanheid jaagt hem op,
En hij zoekt de hemeltop:
Ja, de ster der liefde straalt.
'Liefde, liefde!' roept de zoele lucht,
'Liefde, liefde!' geurt het bloemgezucht,
En zijn hart van liefde schalt.
 
"Laat mij toch zwelgen in zaligheid."
Nu wandelt hij in dronkenheid,
Door haar geleid -- hij kan slechts zwijgend spreken --,
Nu wandelt hij, door haar geleid,
Door beukenlaan, langs witte beken.
En moet hij ook door een woestijn,
Hem gidst haar zoete ogenschijn;
En in de ernstigste bedreiging
Vertrouwt hij op haar lieve leiding.

Doch de faam van grote vaad'ren,
- Helden trots, met moed in d' aad'ren -,
Stoort zijn rust als een klaroen:
Ja, hij moet ook zoiets doen
En als zij onsterf'lijk zijn.
Zie, hij stijgt op 't hoge paard,
Zwaait en test zijn blanke zwaard,
Rijdt dan naar 't gevechtsterrein.
 
"Moog' mij bedelven de somberheid".
Daar liggen zij, in bloed en slijk verspreid,
De lippen stijf, de ogen wild gebroken,
Wier trots hun angst eerst had weersproken.
Geen vader ziet de zijnen weer
En huiswaarts keert een ander heir.
En wie de krijg het liefste heeft ontnomen,
Die zien het nu met groot verdriet weer komen!

Zo lijkt hem van 't vaderland de wachter
Een vergramde broederslachter,
Die de vrijheid, 't eed'le goed,
Mest met warm, rood mensenbloed.
Hij vervloekt de dwaze roem
En ruilt lawaaiig druk gewoel
In voor bossen, groen en koel,
En voor groot silentium.
 
"Geef mij de wijding der eenzaamheid."
Door dichte sparrendonkerheid
Dringt zonneschijn slechts half door, schuin,
En kleurt de naaldengrond geelbruin.
De koekoek roept uit struiken dicht,
De specht op boomschors haar1 aanval richt,
En dond'rend over rotsblokkades
Neemt koen de stortbeek haar cascades.

Wat hij wenste en beminde,
Wat hem wondde, wat hem zinde
Zweeft met zachte spielerei
Als in avondrood voorbij.
'n Jeugdverlangen, eenzaamheid
Valt de grijsaard nu ten deel,
En een leven vol krakeel
Voerde toch tot zaligheid.


IMPORTANT NOTE: The material directly above is protected by copyright and appears here by special permission. If you wish to copy it and distribute it, you must obtain permission or you will be breaking the law. Once you have permission, you must give credit to the author and display the copyright symbol ©. Copyright infringement is a criminal offense under international law.

View original text (without footnotes)
1 Haar aanval: haar te zingen op de eerste kwartnoot (c), aanval op de triool ( es d c) in deze maat.

Authorship

  • Singable translation from German (Deutsch) to Dutch (Nederlands) copyright © 2008 by Lau Kanen, (re)printed on this website with kind permission. To reprint and distribute this author's work for concert programs, CD booklets, etc., you may ask the copyright-holder(s) directly or ask us; we are authorized to grant permission on their behalf. Please provide the translator's name when contacting us.

    Contact:

    licenses (AT) lieder (DOT) net
    (licenses at lieder dot net)



Based on

 

Text added to the website: 2008-12-30.
Last modified: 2017-08-13 15:32:24
Line count: 97
Word count: 524