by Guido (Pieter Theodoor Jozef) Gezelle (1830 - 1899)
Language: Dutch (Nederlands)
Als de appels bloeien, - de schoone maand! - en 't gers, aan 't groeien, de wegen baant, de zoele winden zie 'k geren gaan en blommen vinden, die openstaan. Als, uit aan 't stroomen, half bloed, half melk, zijn de appelboomen, zoo een, zoo elk; als weeke zijde de takken blomt, dan ben ik blijde: de zommer komt! Als alle lieden, die gaan en staan, "goendag!" mij bieden en spreken aan, dan snoere en binde ik mijn' kommernis: dan ondervinde ik dat 't zommer is!
Spelling changes used by Schuyten: de appels -> d'appels; die openstaan -> die open staan; de appelboomen -> d'appelboomen; snoere en binde -> snoer en bind ; ondervinde -> ondervind
Researcher for this text: Emily Ezust [Administrator]
Composition:
- Set to music by Willem Schuyten , "Zommer" [ voice, unaccompanied ]
Text Authorship:
- by Guido (Pieter Theodoor Jozef) Gezelle (1830 - 1899), "Zommer", written 1897
See other settings of this text.
Researcher for this text: Emily Ezust [Administrator]
This text was added to the website: 2008-09-20
Line count: 24
Word count: 84