by Charles Polydore de Mont (1857 - 1931), as Pol de Mont

Begrafenis
Language: Dutch (Nederlands) 
In eenen donkeren zomernacht
hebt gij de ruste verworven.
Ik heb u zelf naar het graf gebracht!-
Mijn leven, ach! was gestorven.

In eenen donkeren zomernacht,
lei ik u zelve ter ruste.
De nachtegaal kloeg nooit droever klacht,
mijn Doode, don toen ik u kuste!

Ik droeg U op 't herte, door 't spokering woud,
ik prangde U zoo vast in mijne armen!
Mijn oog was zoo mat en mijn herte zoo koud,
en vruchtloos wou 'k U verwarmen!

En 'k heb daar zoo lang door de velden gewaard,
de ziele vol wilde gedachten . . .
De sterrekens pinkten door 't zuchtend geblaart,
als duivelenoogen, die lachten . . .

En bevende heesters, in somberen rouw,
prevelden doodengebeden!
Maar ik, wat ook schreide de nachtlike douw,
ik heb niet geweend, - maar . . . geleden!

Authorship

Musical settings (art songs, Lieder, mélodies, (etc.), choral pieces, and other vocal works set to this text), listed by composer (not necessarily exhaustive)

Settings in other languages, adaptations, or excerpts:


Researcher for this text: Malcolm Wren [Guest Editor]

This text was added to the website: 2016-06-14
Line count: 20
Word count: 137